Sterven en geboren worden

De afgelopen tijd mocht ik het weer meemaken: de ene dag bij een stervende, de volgende dag bij een barende aanwezig zijn…

Sinds twee maanden ben ik regelmatig bij haar om uitwendige therapie te geven. Met rozenolie wrijf ik dan ritmisch haar buik, benen en voeten in. Het is rustig en stil en ik merk dat ze ervan geniet. Na het rusten lees ik haar voor met een gedicht of een verhaal. Daar hebben we samen veel plezier in, omdat ‘andere taal’ zo precies zegt wat we bedoelen. Deze keer gaat het verhaal over afscheid nemen, maar dan toch nog door…ja, waardoor?.. contact blijven houden. Ze herkent het gevoel na het overlijden van haar man. ‘Hij zit in mijn hart,en laat vaak van zich horen…’ Ze vindt het fijn dat ze, net als haar man, thuis mag sterven.

Deze middag is ze stervende en ik ga bij haar zitten. Ze is rustig en lijkt weinig pijn te hebben. We spreken over hoe lang nog, en beseffen dat het niet lang meer zal duren, al weten we niet hoe lang. De tijd zal uitgehouden moeten worden. Ze wordt onrustig en heeft het moeilijk. ‘Het is zwaar, dit moet  niet te lang duren’, zegt ze en ik zeg haar dat ze het goed doet. De onrust ebt weg maar even later is het er weer en komt ze wat omhoog. Ik vind het zwaar voor haar en besef hoezeer sterven een proces, een werkwoord is. Ik maak haar lippen nat en wrijf heel licht ritmisch over haar buik. Ze zakt weer weg om even later weer onrust te kennen. Na een poosje zakt ze weg in een slaap die op bewusteloosheid lijkt, om na tien minuten weer te reageren als de familie bij haar is. Ze is nog een poosje afwisselend onrustig en rustig, om uiteindelijk te verglijden in een slaap die een half uur later rustig is overgegaan in de doodsslaap. Met mijn hand op mijn hart neem ik afscheid en ben ik dankbaar dat wij elkaar hebben gekend. We ervaren de dood voor haar als een verlossing.

‘Dag lief mens, ga heen in vrede….’

De volgende dag word ik gevraagd even langs te gaan bij een hoogzwangere vrouw, die bij mij een cursusochtend over ‘natuurlijke zwangerschap, geboorte en kraamtijd’ heeft gevolgd. De uitgerekende datum is verstreken, op het geboortekaartje hebben ze een mooie tekst gekozen en het is nu nog alleen een kwestie van wachten op de komst van het kind. Als alles goed gaat willen zij en haar man graag thuis bevallen. Al meerdere malen leek het dat de bevalling op handen was, maar toch zette de geboorte niet door. Wanneer toch zal het gebeuren? We weten dat het tussen nu en spoedig zal zijn en tot zolang moet de tijd uitgehouden worden. Terwijl ik er ben beginnen de weeën goed door te zetten. Er komt een wee die geconcentreerd opgevangen wordt om, als het voorbij is, wat te bekomen door heel licht ritmisch over haar buik te wrijven en weer paraat te zijn voor de volgende wee die er alweer aankomt. De barende verzucht dat ze het zwaar vindt en dit niet te lang moet duren. Een kind krijgen is een hele klus en ik besef hoezeer geboren worden een proces is. Tijdens een weeënpauze krijgt ze een slokje water en leg ik heel licht mijn warme handen op haar buik, zodat ze haar aandacht niet op haar hoofd richt, maar naar het geboortekanaal. Ze krijgt steun door van haar man te horen dat ze heel goed bezig is, en dan kan ze zich overgeven aan het proces.

Na enkele uren hard werken, wordt er een kind geboren: wat een verlossing!

‘Welkom lief mensenkind, ga heen in vrede….’

Wijlen Elisabeth Kübler-Ross wees er al op:’Sterven is geboren worden in een ander bestaan’.

Ruth N. Cooiman- van Heijningen, verpleegkundige antroposofische zorg

www.zorgvanwiegtotgraf.nl

Ruth Cooiman, verpleegkundige antroposofische zorg en ambassadeur van het Landelijk Expertisecentrum Sterven