Kleur in de laatste levensfase

Een jong gezin maakte met elkaar een gezamenlijk schilderij. Vader was te ziek om mee te doen, maar keek vanuit bed naar zijn echtgenote en jonge kinderen. Er werden foto’s gemaakt en vader zette uiteindelijk zijn vingerafdrukken op het schilderij. Zo stond hij er toch op. Het was een kostbaar familiemoment in de kwetsbare tijd van het naderend afscheid. De echtgenote was ontroerd. Ze zei tegen mij: ‘Als mijn man overleden is kan ik tegen de kinderen zeggen: ‘Weet je nog dat we toen bij papa op de kamer samen schilderden?’

Dit verhaal illustreert mooi wat beeldende begeleiding kan betekenen in de laatste fase van het leven.

Beeldend materiaal
Ik werk in verschillende hospices als beeldend begeleider. In de kennismaking doe ik een open uitnodiging aan gasten: ze kunnen, als ze dat willen, werken met verschillende soorten van beeldend materiaal. Mensen reageren vaak verbaasd: zo’n aanbod is het laatste wat ze verwachten. Maar de helft van de mensen met wie ik kennis maak blijkt, soms afwachtend, vaak met graagte, in te gaan op het aanbod van beeldende begeleiding. Ter ontspanning of, regelmatig, om iets eigens te maken voor geliefde naasten.

Van betekenis
Zo koos een zeer kwetsbare en verdrietige mevrouw voor een mandala die ze wilde maken voor haar dochter. Ze genoot van de kleuren en de mooie symbolische voorsteling. Ze verheugde zich erop haar dochter te kunnen verrassen. Iets aan haar dochter te kunnen geven maakte dat mevrouw zich opeens ‘van betekenis’ voelde.

Opgeruimd
En een introverte meneer maakte beeldjes voor zijn vrouw en een aantal geliefde naasten. ‘In mijn beeldjes kan ik gevoelens weergeven die ik niet in woorden kan vatten.’ zei hij tegen mij. Meneer had nog nooit in zijn leven iets creatiefs gedaan en ontdekte tot zijn eigen verwondering dat hij zich door middel van de klei op een andere wijze kon uiten. ‘Ik voel me nu opgeruimd’, zei hij bij de afronding van de beeldende begeleiding.

Het onzegbare wordt zichtbaar
De essentie van mijn werk is, afstemmen op iedere mens die ik ontmoet. Wat vindt een gast van het hospice fijn en belangrijk om te doen? Zijn er naasten die graag betrokken worden? Of vindt iemand het juist fijn even wat tijd alleen te hebben? Ik ben iedere keer geraakt en ontroerd door het proces dat zich ontvouwt. Na een aarzelend begin ‘Ik ben niet creatief’, gebeurt er iets anders. Mensen ontdekken dat beeldende begeleiding niet gaat om het maken van een creatief kunstwerk maar dat ze in het beeldend materiaal een vorm vinden voor het nemen van afscheid. Dat de beelden een taal geven waar woorden tekort schieten. Het onzegbare kan zichtbaar worden gemaakt in kleur en vorm.

Meer over het werk van Karin Brandt vindt u op haar website.

Karin Brandt, beeldend begeleider